Sunday, 24 March 2019

Hendrik en drie vaten loodwit

Ik H.A.Vlieland
Schipper , naast God van mijn Schip ,genaamt de jonge Elisabeth
Thans gereedt leggende voor Rotterdam.
om met den eersten goede wind (die God verlenen zal )te zeylen naar Rouaan 
daar myn regie ontladinge syn sal,oorkonde en bekenne dat ik ontvangen hebbe onder den Overloop
van myn vorsz.Schip ,van u de heeren Hubart et comp.
drie vaten loodwit '
gaande voor neutrale rekening.
goet en welgeconditioneert,en gemerkt gelyk hier voorstaat.Al het welke ik be
love (zo God my met het gemelde Schip behouden reys vergunne) te leveren tot  Rouaan voorsz
voorz.aan de DHR. A Bonnet
of aan zyn'Factuur of Gedeputeerden mits my betalende voor myn Vragt van dit voornoemde Goet
vijf en dertig livers         .......avary        en vijf PT                                           van klinkende spetien
en de Avrije , 

na fusanti van de Zee.En om dit te voldoen der voorsz is ,zoo verbinde ik my zelvenen al myn Goed, en mijn voorz Schip met al zyn toebehooren.In kennisse der Waarheyt ,zoo
hebbe ik drie Connossementen hier of onderteykent met mynen name , of door mijn Schryver van myself wege , alle van eender inhoud ,waar van het eene voldaan synde ,de andere van geener waarden sullen wezen, in Rotterdam 16 augustus 1797
Inhoud onbekend en vrij van bederf.

                                                                        H het merk is van H.Vlieland.

Sunday, 10 March 2019

Hendrik et Six demi barrriques de ceruse






Je Hendrik Vlieland

Maitre aprés Dieu,du Navire nommé L'Elizabeth
étant present à Rotterdam
pour du premier tems,qu'il plairu à Dieu d'envoyer à droite route à Rouen.
Reconnois & consesse,avoir receu & chargé dans le bord de  mon dit Navire,Sous le franc tillac d'icelui ,,de vous Mrs J.F.Gortmans& Fils .
Six demi barrriques de ceruse le tout Sun & bien conditioné ,& marqué de la marque,mise en marge ,lesquelles Marchandises je promets ,& m 'oblige de porter & conduire dans mon dit Navire , Sans le périls & risques de la Mer au dit lieu de Rouen
& la les delivrer a  cc Porteur de connossement

en me payant pour mon Fret le somme de quatre vingt six livres et deux Sols trois
quinze p% Dávarie  payable en espace sonnantes.
Et pout ce tenir et d'accomplir je m'oblige corps & biens avec mon dit Navire, Fret et appareaux d'ícelui .En témoingage de verité,j'ai Signé trois Connossements
 d'une meme teneur, donc l'un étaut accompli,les autres seront de nulle valeur,

faitt A Rotterdam cs 21 Aout 1797

De inhoudt my onbekend  H  het merk is van Hendrik Vlieland

Ik Hendrik Vlieland
Schipper naast God van mijn Schip genaamt de Jonge Elisabeth
thans gereed leggende voor Rotterdam.
om met den eersten goede wind (die God verleenen zal ) te zeylen naar Rouaan
daar myn regie ontladinge syn sal .oorkonde en bekenne dat ik ontvangen hebbe onder den overloop
van myn voorz,Schip van u de Heeren Gortmans en zonen
& te leveren aan  Rouen
zes kleine vaten  loodwit
en mij te betalen voor mijn vracht de somme van

er quinze p% betaalbaar ter plekke ,goet en welgeconditioneert , en gemerkt gelyk hier voorstaat ,Al het welke ik belove (zo God my met gemelde Schip behouden reys vergunne) te leveren tot Rouaan

voorsz aan Bodes of aan sijn factuur of gedeputeerden mits my betalende voor mijn vragt van dit voornoemde Goed

en al myn Goed, en mijn voorz Schip met al zyn toebehooren.In kennisse der Waarheyt ,zoo
hebbe ik drie Connossementen hier onderteykent met mynen name , of door mijn Schryver van myself wege , die alle van eender inhoud ,waar van het eene voldaan synde ,de andere van geener waarden sullen wezen, in Rotterdam 21 augustus 1797
Inhoud onbekendt


H het merck is gesteld van Hendrik Vlieland






Monday, 25 February 2019

Vlieland in stamps




Vlieland has its own stamps !!!
The Dutch post issued these stamps just now..
You can find the lighthouse on the stamps,a bone from a whale,the old rescue house and also the  crest of Vlieland .
In the left corner you can find the date of 1736 when the west part of the island was drowned and only the East side survived 
In the middle you find one of the oldest words in the Dutch language.
Glop which means a very narrow lane.
The colours of Vlieland are green of the lyme grass and white of the sand.
You can buy them  online 
Waddeneilanden: Vlieland (5 postzegels voor €4,35) voor het versturen van een brief of kaart binnen Nederland. Het ontwerp van de postzegelvel over het waddeneiland Vlieland is gemaakt op basis van de bekende indeling en de perforatie van de serie Mooi Nederland. Het postzegelvel bevat vijf gelijke postzegels met de waardeaanduiding 1 voor bestemmingen binnen Nederland.

Op de postzegel Mooi Nederland 2019: Vlieland staat de vuurtoren afgebeeld in een geelgroene tint. Daaromheen staan een replica van een walviskaak, het reddingshuisje op de Vliehors en een huis met blauwe houten topgevel aan de Dorpsstraat. Het gehele postzegelvel toont nog meer markante Vlielandse plekken en objecten, rondom een landschapsfoto die de vorm heeft van het eiland. Carla Birza: “We moesten de eilandkaart van Vlieland iets kantelen omdat die anders niet op het postzegelvel zou passen. De windroos geeft aan hoe het eiland eigenlijk op de kaart staat.”

Wednesday, 20 February 2019

Hendrik et un baril ceruse & un baril colle



This time the text is in French.


Je Hendrik Vlieland
Maitre aprés Dieu,du Navire nommé de Jonge Elizabeth
écout present à Rotterdam
pour du premier temps,qu'il plairs à Dieu d'envoyer à droite route à Rouen.
Reconnois & consesse,avoir receu &  chargé dans la bord de mon dit Navire,Sous le franc tillac díceluy ,de vous Mrs Francois Blondel & Fils .
Un baril Ceruse & un baril Colle
Le tout     & bien conditioné ,& marque  mise en marge ,lefquelles Marchandises je promets ,&móblige  deporter & conduire dans mon Navire , Sans le périls & risques de la 
Mer au dit lieu de Rouen
& la les delivrer ã M Eudelinne le jeune neyt en Rouen
et me payant pour mon Fret le somme de quine livres de solles tournes quine 
er quinze p% payable en espace 
avec les avaries selons les uzes et constumes de la Mer
Et pour se tenir et accomplir je m'oblige corps en bien avec mon dit Navire, Fret et appareux d'íceluy de témoingage de verité,j'ai Signé
4 connoisements d'une meme teneur, donc l'un étant accompli,les autres seron de nulles valeur,dontfaira Rotterdam 10 Aout 1797
De inhoudt my onbekendt                                             H deses het merk gesteld door                                                                                                      Hendrik Vlieland 

Ik Hendrik Vlieland
Schipper naast God van mijn Schip genaamt de Jonge Elisabeth
thans gereed leggende voor Rotterdam.
om met den eersten goede wind (die God verleenen zal ) te zeylen naar Rouaan
daar myn regie ontladinge syn sal .oorkonde en bekenne dat ik ontvangen hebbe onder den overloop
van myn voorz,Schip van u de Heeren 

& te leveren aan  M Eudelinne de jonge  en Rouen
een vat ceruse en een vat lijm
en mij te betalen voor mijn vracht  de somme van vijftig livres de solles tournes quine 
er quinze p% betaalbaar ter plekke ,goet en welgeconditioneert , en gemerkt gelyk hier voorstaat ,Al het welke ik belove (zo God my met gemelde Schip behouden reys vergunne) te leveren tot Rouaan
voorsz aan Bodes of aan sijn factuur of gedeputeerden mits my betalende voor mijn vragt van dit voornoemde Goed

en al myn Goed, en mijn voorz Schip met al zyn toebehooren.In kennisse der Waarheyt ,zoo
hebbe ik vier Connossementen hier of onderteykent met mynen name , of door mijn Schryver van myself wege , die alle van eender inhoud ,waar van het eene voldaan synde ,de andere van geener waarden sullen wezen, in Rotterdam 10 augustus 1797
Inhoud onbekendt
          
                                                      H het merck is gesteld van Hendrik Vlieland


Ceruse of ceruis is een mengsel van loodwit en krijt of mergel. Het wordt soms ook Spaans wit genoemd.
Het schijnt dat het voornamelijk voor het gronden van panelen en doeken is gebruikt.
Ceruse en zuiver loodwit wordt niet door alle schrijvers gescheiden gehouden.
Met de term schelpwit of schulpwit wordt in de 17e- en 18e-eeuwse kunstliteratuur soms kennelijk 'zuiver' loodwit bedoeld, in tegenstelling tot het ceruse. Men kende echter ook een witte verfstof, uit dikke gemalen schelpen bereid (o.a. vermeld door Beurs: De Groote wereld in 't kleen geschildert, enz, 1692).

(It is a mixture of lead and chalk .It is also named Spanish white and used as the first layer of a painting.)

Monday, 18 February 2019

een hondert veertig tonnen gezoutte visch



Ik Hendrik Vlieland
Schipper naast God van mijn Schip genaamt de Jonge Elisabeth
thans gereed leggende voor Rotterdam.
om met den eersten goede wind (die God verleenen zal ) te zeylen naar Rouaan
daar myn regie ontladinge syn sal .oorkonde en bekenne dat ik ontvangen hebbe onder den overloop
van myn voorz,Schip van u de Heeren Mannekes Beyers en Steur te Maassluis op order en voor rekening en risico van de heer Jan Diederich Roddenburg  inwoner 
mitsgaders koopman te Hamburg
 CH Eenhondert veertig Tonnen gezoutte visch
 goet en welgeconditioneert , en gemerkt gelyk hier voorstaat ,Al het welke ik belove (zo God my met gemelde Schip behouden reys vergunne) te leveren tot Rouaan
voorsz aan Bodes of aan sijn factuur of gedeputeerden mits my betalende voor mijn vragt van dit voornoemde Goed
Sevenhondert en dertig sevres  en vijftien carari betaalbaar in klinkende spetien
en de Averye na fusanti van de Zee.En om dit te voldoen der voorsz is ,zoo verbinde ik my zelven
en al myn Goed, en mijn voorz Schip met al zyn toebehooren.In kennisse der Waarheyt ,zoo
hebbe ik drie Connossementen hier of onderteykent met mynen name , of door mijn Schryver van myself wege , die alle van eender inhoud ,waar van het eene voldaan synde ,de andere van geener waarden sullen wezen, in Rotterdam 25 augustus 1797
Inhoud onbekend en vrij van bederf.
          
                                                      H het merck is gesteld van Hendrik Vlieland






Sunday, 17 February 2019

cargo loodwit meekrap and campher



Ik Hendrik Vlieland
Schipper naast God van mijn Schip genaamt de Jonge Elisabeth
thans gereed leggende voor Rotterdam.
om met den eersten goede wind (die God verleenen zal ) te zeylen naar Rouaan 
daar myn regie ontladinge syn sal .oorkonde en bekenne dat ik ontvangen hebbe onder den overloop
van myn voorz,Schip van u de Heeren Jean Osy en zoon.
Drie potjes loodwit 
twee potjes Meekrappen            voor rekening van 
een potje campher                       de heer Oostenburger 
                                                    te Alhier 

droog goet en welgeconditioneert , en gemaakt gelyk hier voorstaat ,Al het welke ik be
love (zo God my met gemelde Schip behouden reys vergunne) te leveren tot Rouaan
voorsz aan Bodes
of aan sijn factuur of gedeputeerden mits my betalende voor mijn vragt van dit voornoemde Goed
Zeven en dertig zilvren  en
en de Averye na depusanti van de Zee.En om dit te voldoen der voorsz is ,zoo verbinde ik my zelven
en al myn Goed, en mijn voorz Schip met al zyn toebehooren.In kennisse der Waarheyt ,zoo
hebbe ik drie Connossementen hier of onderteykent met mynen name , of door mijn Schryver van myself wege , die alle van eender inhoud ,waar van het eene voldaan synde ,de andere van geener waarden sullen wezen, in Rotterdam 13 augustus 1797
Inhoud onbepaald .


Wednesday, 13 February 2019

The cargo of the jonge Elisabeth master Hendrik Vlieland 1797




The crew and cargo were lost as we can read in the newspaper and Hendrik Vlieland had to report that for insurance reasons .
All the prizepapers are in the national archive in England  and we have them in copy.
Master Hendrik Vlieland had to declare what cargo he transported and also to whom he had to deliver.
The cargo list made in Rotterdam before the trip to Rouen and Havre La Grace.

list of goods of in the bomship" de jonge Elisabeth"(young Elisabeth) master Hendrik Vlieland
from here to Rouen en Havre in the months of August and September 1797.
Each item is also mentioned and signed for in another paper.

Havre

36 barrels fish
2500 carton en paper
                                                                     Rouen


10 barrels of white lead
4 barrels of red. and many more items.

You can read what he loaded on his ship and the value. We find in the list ,dry goods ,pepper,round cheeses, barrels with paint, tar, and fish ,the value and sender or receiver.
Track and trace 200 hundred years ago.

Today you buy in a webshop and have your goods delivered .In 1797 it was the same.


Tuesday, 12 February 2019

Jean Osy

In 1796 horen wij herhaaldelijk van geldzendingen door de firma Osy naar de Oostzee en Hamburg om rogge in te kopen, waarbij bedragen van 40 millioen francs en 16.000 gulden worden genoemd **). Wellicht hebben deze zendingen geheel of gedeeltelijk als dekmantel gediend om gelden aan Cornells Boudewijn Osy over te maken. Over de eerste tien jaren van diens verblijf te Hamburg ontbreken de nodige gegevens. Wel wordt hij genoemd in het testament van zijn tante Maria Theresia Osy, 5 Juli 1799 voor de Rotterdamse notaris J. Nozeman verleden, waar hij - met souvereine minachting voor de afschaffing van de heerlijke rechten in 1795 - wordt aangeduid als Cornelis Baldewinus Osy, heer van Zegwaard en Palenstein, woonachtig te Hamburg "), maar over zijn doen en laten aldaar beginnen eerst in 1807 de berichten te vloeien. Niet zonder verbazing lezen we dan in een brief van de Bataafse zaakgelastigde bij de Hanzesteden, dat de oorlogsschatting, door middel waarvan de stad Hamburg de Engelse koopwaren heeft teruggekocht, die de Fransen bij de bezetting van de stad in beslag hadden genomen, is afgedragen aan M. Osy, Ook horen we, dat de Franse bezetters vaak bij Osy te gast zijn *•). Nu Frankrijk inmiddels een keizerrijk is geworden, schijnt Osy van houding te zijn veranderd. De Osy's zijn immers gewoon met keizers te onderhandelen. En heeft de bezetting van Hamburg en de afkondiging van het continentale stelsel hem niet leren inzien, dat hij Napoleon toch niet kan ontlopen? Wie mocht denken, dat onze millionnair een trouw ogendienaar van de Franse geweldenaar is, vergist zich echter lelijk. De Franse geheime politie, die overal haar draden spant, weet de Keizer te melden, dat de graaf van Rijssel (de latere Lodewijk XVIII) en zijn gemalin ieder jaarlijks 100.000 francs van de Spaanse regering ontvangen en dat deze gelden aan het huis Osy te Hamburg worden overgemaakt. Genoemde bedragen dienen gedeeltelijk tot uitkering van jaargelden aan verschillende emigre's; in 1806 heeft het huis Osy de uitbetaling een tijdlang gestaakt, 167 ongetwijfeld op last van zijn committenten "). Merkwaardig genoeg, vindt de Keizer het niet nodig om in te grijpen. Blijkbaar wil hij de haute finance te vrind houden. Osy van zijn kant voelt zich blijkbaar zo zeker, dat hij 's keizers broeder, de tot Koning van Westfalen gebombardeerde Jerome, een lening durft te weigeren **). Met gespannen aandacht de meteoorachtige ontwikkeling van het keizerrijk volgend, acht hij in 1811 het ogenblik gekomen zijn zaken te Hamburg te liquideren en zijn woonplaats naar Brussel te verleggen. Voorzag hij de ondergang van Napoleon's gelukster? Of oordeelde hij het nuttig, met het oog op de toekomst van zijn zoons, de banden met de Rotterdamse firma weer wat nauwer aan te halen? Als hij te Brussel in de Hertogstraat een onderdak heeft gevonden, gaat hij naar Holland, dat nu ook onder het juk van de adelaar zucht. Op 12 Juli 1811 verleent hij voor de Rotterdamse notaris Valeton zijn te Hamburg achtergebleven oudste zoon Jean volmacht om zijn zaken daar af te wikkelen en zijn huizen, pakhuizen, meubels en hypotheken te gelde te maken. Zijn tweede zoon Patrick heeft hij intussen als koopmansleerling op het kantoor van de Rotterdamse firma Osy geplaatst 3*). Ondanks de inlijving schijnt het de firma niet bepaald slecht te gaan, vooral nadat de Keizer heeft goedgevonden licenties voor het varen met Franse schepen onder neutrale vlag uit te reiken. Om deze te kunnen bemachtigen moet men te Parijs over goede kruiwagens beschikken en de oude Osy, die zo zoetjes aan zestig wordt, schijnt daar wel raad op te weten. Andere Rotterdamse handelskantoren waren niet zo fortuinlijk. Als in Januari 1812 bekend wordt, dat een door de firma Osy bevrachte brik te Hellevoetsluis is aangekomen en dat men reeds aan het lossen is, klinkt de verzuchting: „Het schijnt dus, dat die vrienden er achter zijn om prompt geholpen te worden!" ") Nog slechts twee jaar en dan is de ondergang van het Keizerrijk bezegeld. Op 1 Februari 1814 rukken de geallieerde troepen Brussel binnen en Osy behoeft zich maar aan te bieden om door de Commissarissen-Generaal van de Verbonden Mogendheden met open armen te worden ontvangen. Men zit om financiële experts verlegen; in een wip is hij ontvanger-generaal van België **). Als de bange nachtmerrie van de Honderd Dagen voorbij is en het Verenigd Koninkrijk de voorlopige bestuursinrichting overbodig .

The whole story can be found here .

Monday, 11 February 2019

Hendrik Aldertszoon Vlieland taken as prize

Hendrik Aldertszoon Vlieland.
We found several bits and pieces over the years and this information  now comes finally together. Thanks to an article in the newspaper of 1797.






Schipper H. Vlieland van Rotterdam naar Haver de Grace , is dewyl hy door een Kaper gejaagd wierd te Boulogne binnengevlugt, doch is daar na door een andere kaper genomen en vervolgens totaal verongelukt.

Utrechtsche courant 29-01-1798

Master H.Vlieland from Rotterdam to Havre le Grace , is while he was hunted by a privateer,fled to Boulogne but was captured there by another privateer and totally foundered.

As soon as Hendrik was brought ashore in Dover ,he went to make a statement about the loss of his son who was on the ship with him and also the other two crewmembers., the whole crew was lost.

He was in 1797 with his ship "de jonge Elisabeth "on a journey from Rotterdam to Havre de Grace when he was captured by the a Kingsship "the Harpy" Master Henry Bazely, esquire.
He was brought to the Harpy  and because of the big waves, lost sight of his ship.
He was landed in Dover and went straight to Phineas Kennets to report what had happened.
Later he learned that parts of his ship where beached in Noordwijk and the parts were recognised by him as well as by Maarten Kruijt mayor of Noordwijk and by Jan de Booy blacksmith.
The crew however was lost and never heard of since .His son Aldert(18)among them.

The wifes and mothers of the lost crewmembers made a declaration in Noordwijk about the loss of the "jonge Elisabeth".To claim benefit  from the loss of the lives of their son or husbands.


On February 6, 1798, for us, Sr. Gerhardus Adrianus

Entink secretary for the citizens Jan Hoekman and Albert van

Noord, aldermen of  Noordwijk, Langeveld and Offem; 
Hendrik Vlieland, at home  at Grefzeyl in Prussia, but on this passing of this document here present, our secretary and aldermen known in quality as skipper on the bomship the Young Elisabeth,  which ship in Rotterdam was loaded with salty fish, cheese and other kinds of
merchantsgoods  on  route from there to Havre de Grace ,was taken by an English Kingship called (as he had been informed in person)  Harpy, under command of Henry Bazely, esquire.
Which declared for the benefit of all those, who are not here and present
to serve here and when this will be necessary, where and truthfully to denounce that after that his comparantees said ship and cargo in the month of November of the year 1797 in the above-mentioned manner of this city after Havre de Grace by the above-mentioned Henry Bazely who was the commander of the English Royal Ship Harpy, he had been consigned on that ship and then, while the sea was very high, his ship had lost sight of the young Elisabeth or lost sight and he continued on the 22nd of the afore mentioned November of the afore mentioned King ship Harpy at Dover was put ashore, as all of this appears to be circumstantial in a statement made by him on the twenty-first of November before Phineas Kennet's notary and in the city and harbour of Dover in the county of Kent and witnesses passed and on 25th ditto for James Gravener a master extraordinaire in his Majesty's High court of Cancelary.
He inquires at Dover ,for he has not heard anything or in any other place whatsoever of the ship he sailed, the young Elisabeth, of the cargo reported here before, but that he was subsequently informed of the arrival of a landing in Noordwijk aan Zee. on the beach ,was driven or washed ashore rand furthermore salvaged a part of a sail  ​​a bomschip, besides a percussion, that he  has examined two pieces and has recognized and found them, that (gijk and slaggaarde )belonged to the afore mentioned ship carried by him ,the young Elisabeth, and that he, in a good faith, sincerely believes in it, and that he keeps the ship, the young Elisabeth with that cargo at the time that he was on board ,the before reported ship Harpy, he had lost from his sight, died and lost total. 
Compared also for our secretary and aldermen MaartenKruijt, master ship carpenter living in Noordwijk aan Zee and Jan de Booy, mastersman living in Noordwijk , our secretary and aldermen, who explained to the requisition ,of all the ones who would have to be the only ones ;to be true and true about us It was found during examinations that the part stranded at Noordwijk aan Zee was the one he. had made second depositor in quality as a ship carpenter, and I deposited third depositor in quality as a smith for the bombship named the young Elisabeth in the year 1796 (deleted: before Bouwmans and son in Grefzeijl in Prussia). Recognized the length and weight of them and the attachment for the same laying. Being prepared to fill the deposited depositor, each standing in his here with solemn oath
Signed by:
H = mark of Hendrik Vlieland. (stroke = dipstick)
Fuijt van Leeuwen Maarten Kruijt Jan de Booy Jan Hoekman Aalbert from Noord G.A. Entink, secretary


Date August 20, 1798 January standing before me Jan Gerard Crameris, secretary and Jan Hoekman and Job van der Weijden, sheriffs of both Northern Districts, and Langeveld Offem: Marijtje Arrishoek, wife of Hendrik Vlieland, Annetje van Duin, wife of Zacharias de Jong, Aaltje Dirkx van Duin, wife of Dirk Pietersz. Balkenende, residing on the first and third in Noordwijk aan Zee and the second to Catwijk aan Zee, which claimed the benefit of all whom this would by no allowed to enter and serve each other when necessary and that her sons in quality as the first captain and her son Aldert Vlieland and the two men also his companions on "de jonge Elisabeth", which was reported last seen in the month of October or beginning of the month November 1797 in Rotterdam and that the English King Ship according to testimony of the first witness husband was Hendrik Vlieland taken deposantes and her first husband was repatriated and all the other men were gone and never heard off. So that they true and also truly believe it to be on the grounds that they ,witnesses to this day and the best of knowledge of life or residence of their men and son .Despite all efforts and searches that have been obtained.
Being witnesses they are prepared to swear an oath to confirm.


will be continued

Sunday, 10 February 2019

Hendrik Vlieland in 1798

Schipper H. Vlieland van Rotterdam naar Haver de Grace , is dewyl hy door een Kaper gejaagd wierd te Boulogne binnengevlugt, doch is daar na door een andere kaper genomen en vervolgens totaal verongelukt.


Master H.Vlieland from Rotterdam to Havre le Grace , is while he was hunted by a privateer,fled to Boulogne but was captured there by another privateer and totally foundered.


Utrechtsche courant
29-01-1798
more information in an older post wich we copy


Hendrik Aldertszoon Vlieland

Hendrik Aldertszoon Vlieland was born 28-01-1748 Noordwijk Holland.
He is the son of Aldert Vlieland and Maartje Langeveld.
Married to Marijtje Arrishoek. and they had two children Aldert named after his father and Cornelis after her father .

To avoid the wars between French and England he was a burgher of Prussia and subject of the count of Knipshausen.
He was in 1797 with his ship "de jonge Elisabeth "on a journey from Rotterdam to Havre de Grace when he was captured by the a Kingsship "the Harpy" Master Henry Bazely, esquire.
He was brought to the ship and because of the big waves, lost sight of his ship.
he was landed in Dover and went straight to Phineas Kennets to report what had happened.
Later he learned that parts of his ship where beached in Noordwijk and the parts were recognised by him as well as by Maarten Kruijt mayor of Noordwijk and by Jan de Booy blacksmith.
The crew however was lost and never heard of since .His son Aldert(18)among them.
The wifes and mothers of the lost crewmembers made a declaration in Noordwijk about the loss of the "jonge Elisabeth"
Date August 20, 1798 January standing before me Jan Gerard Crameris, secretary and Jan Hoekman and Job van der Weijden, sheriffs of both Northern Districts, and Langeveld Offem: Marijtje Arrishoek, wife of Hendrik Vlieland, Annetje van Duin, wife of Zacharias de Jong, Aaltje Dirkx van Duin, wife of Dirk Pietersz. Balkenende, residing on the first and third in Noordwijk aan Zee and the second to Catwijk aan Zee, which claimed the benefit of all whom this would by no allowed to enter and serve each other when necessary and that her sons in quality as the first captain and her son Aldert Vlieland and the two men also his companions on "de jonge Elisabeth", which was reported last seen in the month of October or beginning of the month November 1797 in Rotterdam and that the English King Ship according to testimony of the first witness husband was Hendrik Vlieland taken deposantes and her first husband was repatriated and all the other men were gone and never heard off. So that they true and also truly believe it to be on the grounds that they witnesses to this day and the best of knowledge of life or residence of their men and son .Despite all efforts and searches that have been obtained.
Being witnesses they are prepared to swear an oath to confirm.
In 1804 he has another ship "den Aufwaerter" which he likes to lie in shelter from enemy ships in Katwijk innerharbour.
The whole story (translated by google)is below.
The Town Board of the two northern districts, and Langeveld Offem to the Council of the Navy of the Batavian Republic Citizens
Immediately after the reception of your Circular of the December 30 1.1. We summoned the Accountants in Noordwijk aan Zee and informed them of the charge contained in Circular reported, which is to comply within the stipulated time then, since we are informed that of the four barges in sending our letter of the December 9 1.1. still located in the Schuitengat, since three of which the one named de jonge Elisabeth, before having belonged to Arie van der Schoneveld and envisages three years belonging to Frederick Jongbloed to Papenburg and conducted by Pieter Vink, one called the jonge Johannis having belonged to Jan Gijze Zonneveld belonging to three years Johannis Nieuwenhoven to Embden and conducted by Thomas Vink called the Mary, having belonged to Jan Gijzen Zonneveld, since three years owned Hille Bouwerman and Son Construction Embden and conducted by Jan Moeijenkind if meantime gone to Rotterdam. The bet. Claas Waasdorp, owner of the remaining one boat called the jonge Pieter master Jan Kaak, invites us to want them in your favor to ask this barge as deeply as possible and at the end of the Schuitengat located, since at this point so she and the other co-owners claimed was out of sight of the enemy, then the boats at Scheveningen and Catwijk, at the point where it lies now lies to stay put. We the Bookkeeper can not refuse this request to barge into the Schuitengat to leave again for you to carry, especially since it raised it so. Furthermore, we had tidings that some days ago, arrived at our beach and in the Schuitengat has settled a bomschuit called the Aufwaerdter, to which is skipper and owner Henrik Vlieland now resident and citizen of the Earl of Knipshausen under Act of 1803 dated 5 July, as shown to us even today on the beach is now a new bomschuit carpentry and finished within few days by the shipwright M.Kruijt for the account of Fa to Papenburq Jongbloed, and us with you to inquire whether these two boats are not allowed to leave there. Again, is intended to satisfy your gem. Circular that the name of the boat which according to our letter of the December 9 1.1. ready gone, and the jonge Arie was saled in Dordrecht on behalf of the French Government, and that the precise dato of transitions of this property of the shipowner said barges were forgotten
Members of the Town Board
(signed) Cramerus Noordwijk January 4, 1804.

Advertentie Rotterdamse courant 05-04-1803we find Jeroen and Hendrik Vlieland in the same advertisment
Naar TOPSHAM, Kaptein Jeroen Vlieland, met het Bomschip de Post van Topsham. Naar HAVRE en CAAN, Kaptein Hendrik Vlieland, met hét Bomsbhip de Jonge Elizabeth. Naar BAYONNE .

Wednesday, 6 February 2019

Havre le Grace


The economic boom of Le Havre resulted in an increase of its population (18,000 inhabitants in 1787) but also resulted in changes to the port and the city: the installation of a Tobacco Factory in the Saint-François district, the expansion of the shipyards, a new arsenal, and a commodity exchange. During a visit in 1786 Louis XVI approved the project to extend the city and it was François Laurent Lamandé he chose to take on the task of quadrupling the size of the city.
The French Revolutionary Period (1789–1815)Edit





The 18th century Museum of Natural History at Le Havre was previously the Palace of Justice.


Between 1789 and 1793 the port of Le Havre was the second largest in France after that of Nantes. The Triangular trade continued until the war and its abolition. The port remained strategic because of the grain trade (supply of Paris) and its closeness to the British enemy.


The national events of the French Revolution were echoed in Le Havre: delegates for the List of Grievances were elected in March 1789. Popular riots occurred in July and the National Guard was formed some time later. A mayor was elected in 1790, the year of celebration of the Fête de la Fédération. The year 1793 was difficult for France and for Le Havre because of the war, federalist insurrections, and economic stagnation. The religious Terror transformed Notre Dame Cathedral into a Temple of Reason. The city acquired the status of sub-prefecture in the administrative reform of the Year VIII (1799–1800). Under the Empire Napoleon I came to Le Havre and ordered the construction of forts A Chamber of Commerce was founded in 1800 but, because of the war against Britain and the continental blockade, port activity was reduced and activity of pirates increased. The population of Le Havre decreased to 16,231 inhabitants in 1815.

Monday, 14 January 2019

Edwina and her pub

Today we tell you more about Edwina and her pub.
Edwina Amethyst White married for the second time and became Edwina Harley.
When she married in Palma to Colin Shelagh Harley born in 1929 in Staines Middlesex.
He died in Eastborn Sussex in 1990.
Edwina Harley was the first one to open an English pub in 1964 in Torremolinos  
She named it The Gallopping Major.
And it is still there .
The song of the Galopping major 

Edwina´s father is Samuel White, the son of Ethelbert and grandson of Samuel Ethelbert White and Catherine Veri Vlieland.
Edwina was the daughter of Samuel White and Charlotte M Carter.
Name: WHITE, Samuel
Registration District: Croydon County: Surrey
Year of Registration: 1926 Quarter of Registration: Oct-Nov-Dec
Spouse's name: Carter, Charlotte M
Volume No: 2A Page No: 809
Birth of daughter
Daughter: WHITE, Edwina A
Registration District: Marylebone County: London 
Year of Registration: 1934 Quarter of Registration: Jan-Feb-Mar 
Mother's Maiden Name: Carter 
Volume No: 1A Page No: 606
Marriage of daughter Edwina White
Name: BODDY, Raymond M 
Registration District: Surrey Northern County: Surrey 
Year of Registration: 1951 Quarter of Registration: Jul-Aug-Sep 
Spouse's name: White, Edwina A 
Volume No: 5G Page No: 808
Raymond Marshall Boddy was born March 1929 as son of Gladyss Ellen Cato and James H.Boddy.He died 1983 Westminster
So there you have the Vlieland part of the name.


Later her sons changed their name 



But now you know who is who we start with her pub.
El major sigue galopando 
now translated in google English we found this original Spanish article .
is  all about Edwina White .

The major keeps galloping


FRANCISCO LANCHA
Saturday, December 18 2010, 02:41

In the golden age of the Costa del Sol, one of the most popular catering establishments in Torremolinos was on María Barrabino street. It was opened by Edwina Harley, in February 1964. We refer to the Galloping Major, a bar of drinks in the style of the old English pubs that have always ruled the British lands. Later, this bar would change ownership and would pass into the hands of Manuel Vega Trigo in 1980, a Ceuta born in 1946 and came to land in Torremolinos in 1963 to work as a waiter at the Panorama Hotel, an establishment that was located in Calle de las Mercedes, which goes down to the beach of Bajondillo, and a year later began working as a waiter in the Galloping Major.

Its location, as we said before, on María Barrabino street, made it rub shoulders with other important nightclubs such as El Dorado, Tina's Bar or restaurants like the black lantern, owned by a famous Swedish actor who would later become in consul of his country, and that became refuge of journalists and photographers who covered the events of the Costa del Sol. But of all these the only one still standing is the Galloping Major.

In the first trots of this establishment it was reaping great fame among the locals of Torremolinos, becoming so famous that it was frequented by members of the British royal family, as well as, a multitude of famous actors and musicians worldwide.

The atmosphere of the English pub is still maintained today, keeping the same structure and furniture with which it was opened. According to Manuel Vega, the pub has not closed even one day since its inauguration. The 'commander' has to support more riders, because Manuel Vega Trigo, has included members of his family in the payroll of the business, making this 'horse' have English skin but Spanish heart.

This corner of the old district of Malaga and now municipality of Torremolinos is part of one of the many historical places that it has, where the old town hall is located as well as the first market that was in Torremolinos and that was later transformed in municipal dependencies.

FRANCISCO LANCHASábado, 18 diciembre 2010, 02:41

En la época dorada de la Costa del Sol, uno de los establecimientos hosteleros más populares de Torremolinos se encontraba en la calle María Barrabino. Lo abrió Edwina Harley, en febrero de 1964. Nos referimos al Galloping Major, bar de copas al estilo de los viejos pub ingleses que han reinado desde siempre las tierras británicas. Más adelante, este bar cambiaría de dueño y pasaría a manos de Manuel Vega Trigo en el año 1980, un ceutí nacido en 1946 y que llegó a tierras torremolinenses en el año 1963 para trabajar como camarero en el hotel Panorama, establecimiento que se encontraba en la calle de las Mercedes, vía que baja hasta la playa del Bajondillo, y que un año más tarde comenzaría a trabajar como camarero en el Galloping Major.

Su ubicación, como ya dijimos antes, en la calle María Barrabino, hizo que se codeara con otras importantes salas de fiestas como El Dorado, el Tina's Bar o restaurantes como el farol negro, propiedad de un actor famoso actor sueco que más tarde se convertiría en cónsul de su país, y que se convirtió en refugio de periodistas y fotógrafos que cubrían los acontecimientos de la Costa del Sol. Pero de todos estos el único que todavía sigue en pie es el Galloping Major.

En los primeros trotes de este establecimiento fue cosechando gran fama entre los locales de Torremolinos, llegando a ser tan famoso que fue frecuentado por miembros de la familia real británica, así como, multitud de actores y músicos famosos mundialmente.

La ambientación de pub inglés, se sigue manteniendo en la actualidad, conservando la misma estructura y mobiliario con el que se abrió. Según nos ha contado Manuel Vega el pub no ha cerrado ni un solo día desde su inauguración. El 'comandante' tiene que sostener más jinetes, por que Manuel Vega Trigo, ha incluido en la nómina del negocio a miembros de su familia, haciendo que este 'caballo' tenga piel inglesa pero corazón español.


Este rincón de la antigua barriada malagueña y ahora municipio de Torremolinos forma parte de uno de los muchos lugares históricos con que cuenta la misma, donde se ubica el antiguo ayuntamiento así como el primer mercado que hubo en Torremolinos y que se transformó, más tarde, en dependencias municipales.

another article

OCIO La primera taberna inglesa de la Costa del Sol lleva 50 años abierta
Medio siglo 'galopando' a lomos del primer pub inglés de Torremolinos

'The Galloping Major' mantiene en su local de Torremolinos la esencia de típica taberna inglesa con la que abrió sus puertas

En sus primeros días de 1964 sus dueños eran un adinerado matrimonio inglés de ascendencia militar

La ambientación musical se basaba en el pianista y los discos que le llegaban a la dueña, que tenía un contrato con una casa de discos londinense




Clientela habitual del pub inglés de Torremolinos poco después de su apertura. TORREMOLINOS CHIC

There are monuments in Torremolinos in the shape of an English pub. With an air very similar to that youthful and carefree tavern drawn by James A. Michener in 'Children of Torremolinos' (The Drifters) in its austere wooden bar and its myriads of exotic bottles, but there is not a barman of color, who is is Sergio, son of Manuel Vega, his first waiter. There was even an Australian pianist. Welcome to The Galloping Major, or the Commander Gallopando, the first and the last one who is still alive from that time. God save the drink. The thousand and one melopeas concentrated in four walls of a place that could easily belong to an alley in the center of Liverpool or to Main Street Gibraltar.
But it is Torremolinos, which was a world leisure and stop mecca of authentic hippies like Brian Jones or Keith Richards and the Yedoes of Eldorado, Sinatra that ended up in the police station for its scandal in the Swordfish or Onassis of tapadillo in the tablao El Jaleo. That is concentrated here contemporaneously. The last vestige. The gap of the Atapuerca of the British tourism. The sixties and seventies, the world-wide descoque in Torremolinos with drinks of dry martini, blody mary, pink gin, Guinness, Jack Daniels, Ginger ale, brandy with Sprite ... This British alcoholic folklore is alive here. So phlegmatic. Supported by that immortal soundtrack of Tom Jones, The Beatles, Gloria Gaynor or Boney M or Modern Talking.
Other customers of the premises in its first season.That nostalgia floats in the air when you cross the threshold of the door and on the wall the photos of another time in black and white, with the incipient cosmopolitanism. And it is that no less than half a century ago of the first English pub on the Costa del Sol, now bored with copies of this and more 'Latinized' substitutes like the Irish. "When I made the first drink orders by phone and said the name of the place, they took me to Güasa," recalls Manuel Vega Trigo, one of the first waiters he had and who later inherited the 'institution', which his son now manages. as owners.
In its first days of 1964 its owners were a wealthy English couple of military descent, hence the name, and that caused in its short stay gatherings of tourists of postín, relatives of the Lloyd Bank or members of the British Royal family, one day Omar Shariff and any other face known but incognito on the coast of the will-o'-the-wisps. «They were very good times, we started three waiters, a pianist and a cleaner. Imagine for such a small pub and it gave us all. Today my son only manages », compares the old Manuel Vega, smiling and joking always in the photos of then.
The pub keeps all the decorations of yesteryear outside and inside, including the two original arms of ceramics and bronze so typical English for throwing beer. "We had to make a fix for the shooting system because then in Spain there was no such thing," he says. "Then also the musical ambience came with the pianist and the records that came to the owner, Edwina Haley, who had a contract with a London record house and we were up to date," he recalls.
Current terrace of the English pub.One day, that one bequeathed him the address of the premises and the inheritance of a clientele that today is preserved almost intact having passed in some cases from father to son. "The English came later and asked me if I was English, when I told them that Spanish, one made me a gesture of demerit. In one of those I went to the mural of the door and with solvent I erased the original name. Then I asked them to do it in Spanish ", tells about the anecdote of a heater that has not made the name in the language of Shakespeare follow other sites of the locality and have an indelible mark on his perfect way of pronouncing in this language.
«I have no complaints from the clientele now. I am delighted even though Torremolinos has changed a lot, the pub remains the same. And I prefer the English before the Spaniards because they know how to thank you and be despite what they drink, "says his son, Sergio who does not hesitate to continue putting those issues of Simply Minds or U2 with which he began to familiarize himself with Now I do not like it. That was music ", he defends and the cosmopolitanism that makes Torremolinos a crossroads of races and cultures unparalleled.

FRANCIS MÁRMOLMálagaActualizado: 21/01/2014 13:07 horas


Hay monumentos en Torremolinos con forma de pub inglés. Con un aire muy similar a aquella taberna juvenil y desenfadada dibujada por James A. Michener en 'Hijos de Torremolinos' (The Drifters) en su austera barra de madera y sus miriadas de botellas exóticas, pero no hay un barman de color, quien está es Sergio, hijo de Manuel Vega, su primer camarero. Hubo hasta un pianista australiano. Welcome to The Galloping Major, o el Comandante Galopando, el primero y el último que sigue vivo de aquella época. God save the drink. Las mil y una melopeas concentradas en cuatro paredes de un local que podría pertenecer sin problema a un callejón del centro de Liverpool o a la Main Street gibraltareña.

Pero es Torremolinos, la que fue meca mundial del ocio y parada de los hippies auténticos como Brian Jones o Keith Richards y de los yeyés de Eldorado, del Sinatra que acabó en comisaría por su escándalo en el Pez Espada o de Onassis de tapadillo en el tablao El Jaleo. Eso se concentra aquí por contemporaneidad. El último vestigio. La sima de la Atapuerca del turismo británico. Los años sesenta y setenta, el descoque mundial en Torremolinos a tragos de dry martini, blody mary, pink gin, Guiness, Jack Daniels, Ginger ale, brandy con Sprite... Aquí está vivo ese folclorismo alcohólico británico. Tan flemático. Soportado por esa banda sonora inmortal de Tom Jones, The Beatles, Gloria Gaynor o Boney M o Modern Talking.


Otros clientes del local en su primera época.

Esa nostalgia flota en el ambiente cuando se cruza el umbral de la puerta y en la pared las fotos de otro tiempo en blanco y negro, con el cosmopolitismo incipiente. Y es que ya hace nada menos que medio siglo del primer pub inglés de la Costa del Sol, ahora aburrida de copias de éste y sucedáneos más 'latinizados' como los irlandeses. «Cuando hacía los primeros pedidos de bebida por teléfono y decía el nombre del local, me tomaban a güasa», recuerda Manuel Vega Trigo, uno de los primeros camareros que tuvo y que luego heredó la 'institución', que ahora maneja su hijo ya como propietarios.

En sus primeros días de 1964 sus dueños eran un adinerado matrimonio inglés de ascendencia militar, de ahí el nombre, y que provocó en su reducida estancia tertulias de turistas de postín, familiares de la banca Lloyd o miembros de la familia Real Británica, un día Omar Shariff y cualquier otro otra cara conocida pero de incógnito en la costa de los fuegos fatuos. «Fueron muy buenos tiempos, empezamos tres camareros, un pianista y una limpiadora. Imagínate para un pub tan pequeño y nos daba para todos. Hoy se apaña mi hijo sólo», compara el viejo Manuel Vega, sonriente y bromista siempre en las fotos de entonces.

El pub guarda toda la decoración de antaño fuera y dentro, incluso los dos brazos originales de cerámica y bronce tan típicos ingleses para tirar la cerveza. «Hubo que hacer un apaño para el sistema de tiro porque entonces en España no había de estas cosas», cuenta. «Luego también la ambientación musical llegaba con el pianista y los discos que le llegaban a la dueña, Edwina Haley, que tenía un contrato con una casa de discos londinense y estábamos a la última», rememora.


Terraza actual del pub inglés.

Un buen día, aquella le legó la dirección del local y la herencia de una clientela que hoy se conserva casi intacta al haber pasado en algunos casos de padres a hijos. «Llegaban los ingleses después y me preguntaban si era inglés, al decirles que español, uno me hizo un gesto de demérito. En una de aquellas salí al mural de la puerta y con disolvente le borré el nombre original. Luego yo mismo pedí que me lo hicieran en castellano», relata sobre la anécdota de un calentón que no le ha hecho que el nombre en el idioma de Shakespeare siga por otros sitios del local y tenga marca indeleble en su perfecta forma de pronunciar en esta lengua.

«No tengo ninguna queja de la clientela de ahora. Estoy encantado pese a que Torremolinos ha cambiado mucho, el pub sigue igual. Y prefiero a los ingleses antes que a los españoles porque saben darte las gracias y estar pese a lo que beben», refiere su hijo, Sergio que no duda en seguir poniendo esos temas de Simply Minds o U2 con los que empezó a familiarse hacca de ahora no me gusta. Eso era música», defiende y en él confluye ese cosmopolitismo que hace de Torremolinos un cruce de razas y culturas sin parangón.


More pictures of the Galloping Major .

Friday, 23 November 2018

Mary Grimmer


Mary Grimmer marries John Vlieland .
They have a son John Nicolls Vlieland born 18 Jan 1826 drowns in 1840 son of John Vlieland and Mary Grimmer   who sadly dies falling of a ship.
After John's death widow Mary Vlieland marries In 1842 Mary Vlieland widow marries Robert Denny .
She was a servant .


Head
Male
54
Earl Borne, Sussex
Mary Denny
Wife
Female
49
Raydon, Suffolk
Daughter
Female
6
Wrentham, Suffolk
Daughter
Female
3
Wrentham, Suffolk
Mother-In-Law
Female
79
Southwold, Suffolk
Servant
Female
14
Crislingham, Suffolk
Servant
Male
80
Whenaston, Suffolk



Saturday, 10 November 2018

John Vlieland and Jane Waters

From bathing machine to an early entry in the blog  is easy enough .

But then it will take some time to find something out.
The auction of a bathhouse and a bathing machine in 1816 by a mister Seaman( no first name) led me to another man with the name Seaman.

The name of John Seaman pops-up  is much later in 1838 as a witness at the marriage of John Vlieland to Jane Frances Waters.

Jane Francis Water is the daughter of William Waters and Ann Covell.
She is born in 1802 in Great Yarmouth
.
She marries Michael Martin .



They have a son Michael  Covell Martin.He is named at the marriage of Jane and John Vlieland




Michael Martin dies and Jane marries John Vlieland .


John is a bachelor of full age and sailor and she is a widow and dressmaker.
We still do not know who this John Vlieland is .although he states that his father is Yarhan Vlieland.
Which could well be Jerome Vlieland.

Witnesses are John Seaman and Margaret Wright.So we go and try to find out more about them.

We do not find much about John Vlieland .Where he is born is still a guess.


On 28 Feb 1842 above John dies aged 45 years Mariner resident "on the Walls" @ Gt Yarmouth. (death certificate)

Burial at dissenters graveyard, Market Street, Great Yarmouth, Grave 609, 8th March 1842 aged 45 years.

census of 1841

In the census of 1841 he lives with, regarding  their age , his sisters Susan and Mary Vlieland  in Chapelstreet later Kings Street 

Jane Vlieland however had to go to prison.






So we have to search the witnesses and John Vlieland